dinsdag 29 juni 2010

Galena en Laange gaan koken!

Het is vakantie, maar er is helemaal niets te doen. Nou ja, dat vinden Galena en Laange. Ze zitten buiten op de schommel, maar ze kijken niet blij. Ze schommelen ook niet. Nee, ze kijken een beetje verdrietig en staren naar de grond. 'Waarom kijken jullie zo verdrietig?', vraagt de moeder van Laange. 'We vervelen ons', zegt Laange. 'Er is helemaal niets te doen hier.' 'Maar jullie kunnen toch steppen of fietsen of stoepkrijten of knikkeren', zegt de moeder van Laange. 'Dat hebben we allemaal al gedaan', zegt Galena beteuterd. 'En nu vervelen we ons.' De moeder van Laange denkt even na. 'Ik weet het', zegt ze lachend. 'Jullie worden vandaag koks!' Galena en Laange kijken haar verbaasd aan. 'Koks? Wat zijn koks?' vragen ze. 'Koks zijn mensen die eten maken', vertelt de moeder van Laange. 'En vandaag gaan jullie dus het eten maken voor vanavond.' Galena en Laange kijken elkaar blij aan. Dat lijkt ze wel wat! 'Maar hoe doen we dat dan?' vraagt Laange aan zijn moeder. 'Eerst moet je weten wát je wilt eten', vertelt de moeder van Laange. 'En dan moet je kijken wat je allemaal nodig hebt.' 'Dus we kunnen ook pannenkoeken eten?' vragen ze blij. Mama lacht. 'Ja, dat kan ook.' 'Dan gaan we pannenkoeken maken', zegt Laange. 'Maar hoe maken we die dan?' ‘Je moet eerst kijken wat je nodig hebt’, zegt mama. ‘Wat hebben dan nodig?’ vraagt Laange. ‘Wat hebben we dan nodig?’ vraagt Laange. ‘Pannenkoekenmeel, eieren, melk en olie of boter om te bakken’, zegt mama. ‘En waar kun je dat vinden?’, vraagt mama? ‘In de supermarkt', zegt Laange. 'In de koelkast en de kast', zegt Galena. 'Jullie hebben allebei gelijk', lacht mama. 'Maar toevallig hebben we nu alle spullen al thuis in de koelkast en de kast staan, dus jullie kunnen meteen beginnen!' Galena en Laange kijken elkaar blij aan, dat lijkt ze wel wat. Pannenkoeken maken als echte koks!
En dan gaan ze aan de slag. Ze krijgen eerst schorten om, want dat hebben koks ook altijd. Als je dan morst, kom het niet op je kleren, maar op het schort. Dat is wel fijn, want dan hoeven ze niet heel voorzichtig te doen. Mama pakt alles wat ze nodig hebben. Eerst doet ze het meel in een kom. Dan doet ze er wat melk en olie bij. En als laatste doet ze de eieren erbij. ‘Willen jullie het nu door elkaar heen mixen?’, vraagt ze aan Galena en Laange. Dat willen Galena en Laange natuurlijk wel! Ze mixen zo hard als ze kunnen. Eerst de ene kant op, dan de andere kant op. Eerst heel snel, dan heel langzaam.
Als alles gemixt is, is het tijd om te bakken. Mama bakt de pannenkoeken. Maar Galena en Laange mogen het beslag in de koekenpan gieten. Daarvoor hebben ze een hele grote lepel. Galena giet als eerste het beslag in de koekenpan. Ze kijkt naar de pan. Het lijk wel op een hartje! ‘Bah, een hartje’, zegt Laange. 'Dat is vast geen lekkere pannekoek.' ‘Oh ja’, zegt Galena, ‘wat ga jij dan maken?’ Laange denkt even na. ‘Iets heel stoers’, zegt hij dan. ‘Een auto of een piraat, ofzo’, zegt hij. Dan is de pannenkoek van Galena klaar. Ze wacht nog even met proeven, totdat Laange ook een pannenkoek heeft. Laange gaat nu ook het beslag in de koekenpan gieten. Hij probeert de vorm van een auto te maken, maar het lukt niet helemaal. Laange kijkt erg verdrietig. ‘Wat is er?’, vraagt Galena. ‘Hij lijkt niet op een auto, dus nu heb ik geen stoere pannenkoek’, zegt Laange beteuterd. Galena kijkt in de koekenpan. Ze ziet geen auto, maar wel een beer! ‘Laange, jij hebt een hele stoere pannenkoek’, zegt ze, ‘want jouw pannenkoek lijkt op een beer’. Laange kijkt in de pan. Nu ziet hij het ook. Dat is eigenlijk toch wel heel stoer, een beer! Als ook de pannenkoek van Laange klaar is, gaan ze smullen. Galena eet een hartje en Laange eet een beer op!